Column: Help, mijn kind heeft een tic!

  • Datum: 14 juni 2019
  • Tekst: Evelien Erichsen
  • Illustratie: Evelien Erichsen

De man naast me in het vliegtuig pingelt zo nu en dan met zijn vingers in de lucht of hij piano speelt. Zou hij een tic hebben? Zou hij nerveus zijn? Een tikkeltje nerveus word ik er wel van. Ik begin te kuchen.

Strontje in zijn oog?

Ik denk aan mijn oudste. Aan die keer dat we aan de eettafel zaten ’s avonds. Vanuit mijn ooghoek werd er druk geknipperd. Zo rond zijn derde is hij ermee begonnen. Ik dacht eerst dat hij misschien iets in zijn ogen had zitten. Een strontje ofzo. Maar de enige stront die soms rondvliegt is dat van mijn jongste en die was niet in de buurt.

Oh een tic!

Het gebeurde steeds vaker en ik herinnerde mijn neefje van vijf die ook zo rond die leeftijd last kreeg van wat spastische geknipper.­­­ ‘Wat heeft hij nou?’ fluisterde ik tegen mijn moeder. ‘Oh een tic, gewoon negeren,’ fluisterde ze terug.

Een spontane zenuwtrekking

Ik besloot me erin te verdiepen en gelukkig negeert internet het niet. Volgens de site mens en gezondheid  is een tic een spontane zenuwtrekking, waarvoor in de hersenen geen opdracht is gegeven. Spanning schijnt het te verergeren. Je hebt ze in alle soorten en maten. Motorische tics zoals trekken met de neus, schoudertrekkingen, gebaren maken en knipperen met de ogen. Vocale tics zoals kuchen, snuiven of zinnen roepen. Kuchen? Dat doe ik ook regelmatig. Zou ik soms ook een tic hebben?

Ik heb óók een tic!

Ik merk dat ik een beetje onrustig word van die man naast me en ik kuch nog een keer. Zie je wel! Ik ben gespannen en nu wordt het erger. Ik heb dus óók een tic. Die oudste van ons heeft het dus van geen vreemde, want het schijnt zelfs erfelijk te zijn.

Het moet eruit!

Zo’n 5 – 10% van de kinderen heeft er last van. Ze hebben meestal nog niet door dat ze een tic hebben en kunnen er niets aan doen. De meeste kinderen ervaren vlak voor de tic een onrustig gevoel. De tic moet eruit. En daarna verdwijnt het onrustige gevoel weer, tenzij ze het gaan onderdrukken. Tics gaan meestal binnen een maand spontaan weer over, soms met een jaar. Soms duurt het langer. Maar kinderen groeien er vaak weer overheen.

Negeren!

Mijn moeder had dus wel gelijk dat we de tics maar beter kunnen negeren. Anders maken we onze kinderen alleen maar onzeker en door deze spanning wordt het waarschijnlijk alleen maar erger. Onverstoorbaar negeerden we het drukke geknipper bij mijn neefje en uiteindelijk is het nu verdwenen.

Op school?

Nu onze oudste nog. Ik vraag me af of hij op school ook die tic heeft? Hij zit nog maar net in groep 1 en dat is nog best spannend. Hij is natuurlijk niet de enige die het spannend vindt, daar troost ik me maar mee. Een vriendje van hem zit altijd aan hem te plukken en schouderklopjes te geven zodra hij hem in de klas ziet. ‘Dat doet hij omdat hij zich geen houding weet te geven,’ zegt zijn moeder. Dat is meer tikken dan een tic, maar goed. Ik zou wel eens een dagje in de klas willen meelopen en wie weet gaat daar een wereld aan tics voor me open. Een soort mime voorstelling van geknipper, gekuch en getrek.

Eroverheen groeien

Mijn man wilde er laatst iets van zeggen, maar na alles wat ik heb gelezen seinde ik hem dit niet te doen. Dus blijven we in ieder geval het geknipper negeren en hopen dat ook hij eroverheen groeit. Hopelijk groei ik ook over mijn gekuch heen.

Gelukkig had de man in het vliegtuig er inmiddels geen last meer van. Vlak voor de landing deed hij zijn oordoppen uit. Die had ik even niet gezien

In onze columns zullen we onderwerpen aansnijden die spelen onder jonge ouders. Heb je suggesties voor interessante onderwerpen? Wil je reageren op onze columns? Wij horen graag van je. Mail ons op hello@pussycatandbird.com.

Meer columns